De motorische ontwikkeling van jouw kind
Blog · 09-02-2021
De motorische ontwikkeling van kinderen, het is een veelbeschreven onderwerp in diverse media de laatste tijd. Iets wat je veel leest is dat kinderen in verhouding minder bewegen dan vroeger en hierdoor motorisch minder vaardig zijn. Een
Dreumes
Na alle grote motorische mijlpalen (denk aan: rollen, tijgeren, kruipen, lopen) te hebben behaald in hun babyleeftijd, lijken de motorische stappen die ze maken vanaf hun dreumesleeftijd (1 – 2,5 jaar) een stuk minder groot. Toch is deze fase ook erg belangrijk voor de verdere ontwikkeling in hun motoriek. Je zal je dreumes vaker zien rondlopen met een voorwerp in hun hand of met een knuffel onder de arm. Ze trekken bijvoorbeeld speelgoed achter zich aan of duwen het voor zich uit. Door de dubbeltaak (lopen en een voorwerp meenemen) die ze doen is het bewegen een stuk complexer geworden. Ze gaan ook steeds meer klimmen en klauteren. Je dreumes zal zelf de trap of de bank op willen klimmen. Hierdoor leren ze zich te bewegen op verschillende hoogtes en leren ze dat er zoiets bestaat als diepte. (Lees hier meer over in onze leuke blog: `Je kind kan meer dan je denkt.`) De meeste dreumesen vinden het super leuk om samen met papa of mama deze nieuwe ervaringen op te doen. Met handjes vast van de laatste traptrede springen of met twee handjes vast over een 2sbalk balanceren. We kennen allemaal de stralende gezichtjes en het klappen in de handjes wanneer iets gelukt is.Peuter
In de peuterleeftijd (2,5 – 4 jaar) zien we dat ze steeds meer een complex en fantasievol spel laten zien. Door veel te herhalen en na te doen (imiteren), wat ze bijvoorbeeld thuis zien van hun broertjes en zusjes, bouwen ze spierkracht op. Peuters kunnen uit zichzelf soms één onderdeel van het spel meerdere keren herhalen, bijvoorbeeld door steeds opnieuw de glijbaan op te klimmen en er af3. Ze genieten ervan als ze iets nieuws hebben geleerd en het daarna helemaal zelfstandig uitvoeren. Lekker kunnen klimmen en klauteren, bijvoorbeeld in de speeltuin, is voor deze leeftijdsgroep dan ook erg belangrijk. Naast de opbouw van spierkracht zien we ook dat het uithoudingsvermogen en het explosieve bewegen verbetert. Zo kunnen ze zelfstandig langere stukken achterelkaar lopen waardoor je als ouder de kinderwagen minder nodig zal hebben. De balans en coördinatie verbeteren eveneens waarbij een loopfietsjes of driewieler een mooie nieuwe vorm van voortbewegen wordt. De verbetering in explosiviteit zien we vooral bij het rennen. Peuters kunnen al rennend elkaar of `dingen` ontwijken, of ze kunnen ineens stoppen als dat nodig is. Dit houdt niet in dat er geen ongelukken en/of botsingen meer kunnen gebeuren, want gevaar inschatten wanneer je hard op iets af rent blijft erg lastig voor een peuter.Kleuter
In de kleuterleeftijd (4 – 6 jaar) verandert de tactiele en zintuigelijke informatieverwerking. Kleuters vinden het dan ook heerlijk om met water, zand, klei of vingerverf te spelen en zoeken dit soort prikkels steeds meer op. Waar voorheen veel van deze prikkels met de mond werden ontdekt zullen kleuters dit meer met hun handen, voeten en de rest van het lichaam doen. Op deze manier krijgen ze steeds meer lichaamsbesef. In hun peuterleeftijd hebben ze veel nieuwe vaardigheden eigen gemaakt, we zien dat kleuters grenzen opzoeken om vaardigheden moeilijker te maken. Vierjarigen vinden het nog steeds lastig om gevaar in te schatten. Zo kan het nog weleens voorkomen dat een kleuter hoog in een speeltoestel of een boom klimt, maar niet meer weet hoe hij of zij naar beneden moet komen of dat ze van een te grote hoogte willen springen. Vaardigheden in deze leeftijdsfase gaan er dynamischer en explosiever uitzien. Kleuters kunnen met twee benen tegelijk doorspringen, beginnen met hinkelen, gaan hun romp inzetten bij het gooien van een bal, kunnen zelfstandig een koprol maken en ze leren huppelen. In deze leeftijdsfase leren ze fietsen zonder zijwieltjes en sommige kleuters zijn al toe aan het starten met zwemles."Kinderen ontwikkelen zich allemaal op hun eigen manier. Er is daarom geen goed of fout in de manier waarop ze hun uiteindelijke vaardigheden eigen maken. Wel is het als ouder belangrijk dat je goed naar de behoeften van jouw kind kijkt."












